Zaterdag doe ik niets wat ook wel later mag.

Vandaag is het zaterdag (15 februari). En als er iets is wat ik van Pascal van Blof moet aannemen dan is het dat. Op zaterdag doe je niets wat ook wel later mag en dus zijn we naar een kloof geweest, zo’n 20 km. hier vandaan. De Grand Canyon van Congo. Nu is het niet te vergelijken met de Grand Canyon, maar dat is het enige waar ik aan kan denken als ik het met iets moet vergelijken. Het is alleen veel groener.

We lunchen in een restaurant, wat waarschijnlijk niet veel langer meer daar zal staan door de zee die langzaam het land opslokt. De eerste palen van het dak staan al niet meer in de grond, maar hangen boven het water. Maakt niet uit, er wordt nog vrolijk gegrild. Verse vis en gamba’s. We zwemmen wat, genieten van de zee en drinken een Savanna. Als we wegrijden komen we vanaf een zandpad op de hoofdweg.

Wat er nu gebeurd is hilarisch en kenmerkend tegelijk. 3 jochies en hun grote broer zijn druk in de weer met een schep en wat bamboe. Ze hebben een slagboom gebouwd en ik ben 200% zeker van dat die er nog niet was toen wij 2 uur daarvoor aankwamen. Jochie nummer 1 maakt het gebaar dat we moeten afremmen en stoppen, jochie nummer 2 kijkt aandachtig naar jochie nummer 1 en imiteert precies datgene wat hij doet. Jochie nummer 3 staat bij de slagboom en kijkt heel boos, of bang. Ik ben er nog niet precies over uit. De grote broer met de schep instrueert de jochies wat ze moeten zeggen, lees schreeuwen.

Ik voel dat hier een conflict gaat ontstaan en dat we een stevige onderhandeling moeten gaan voeren. Mijn breekpunt: We betalen niets. Na een hoop geschreeuw richting de auto van jochie 1 en jochie 2 besluit ik uit te stappen. Het hele decor veranderd. 1 en 2 rennen weg, broer lief begint zich achter zijn schep te verschuilen en jochie 3 staat nog altijd bij de slagboom. Hij is bang, maar trouw aan z’n post. Ik neem de situatie in me op en maak een plan. Goed, ik loop naar nummer 3 en vraag hoe hij heet, want met die nummers werkt verwarrend en een wat persoonlijker benadering kan geen kwaad. Mickaka versta ik. Het zal allicht anders zijn, maar ik noem hem Mickaka en hij reageert.

Ik heb geen survival french gedaan (een cursus voor crew members op het schip) en ik vraag me af of conflict situaties worden besproken tijdens deze cursus. Misschien is een blanke slungel met een zonnebril iets te imponerend, dus ik zet mijn zonnebril af en kijk Mickaka aan. Hij staat op het punt om te huilen en ik voel medelijden, maar tegelijk weet ik dat dit een les is die ook Mickaka moet leren. Genoeg, wij willen ook verder, dus ik zeg (in het frans); ‘Mickaka wat gaan we doen?’ Mickaka die het zichtbaar prettig vind dat ik zijn naam gebruik antwoord; ‘Je moet betalen,… 1000 frank’. Ik vertel hem dat het een probleem wordt. Ik heb geen geld bij me en stel voor dat we de politie bellen.

Ineens wordt iedereen zenuwachtig. Met nog net iets meer overtuiging probeert Mickaka mij te vertellen dat ik toch echt moet betalen: ‘No monsieur Roeben, vous devez payer, une mille’.  Ik heb een oplossing. ‘Mickaka, ik bel de politie en dan vraag ik of zij geld meenemen voor jou,… ok?’ Mickaka en zijn grote broer zijn duidelijk niet blij met deze ontwikkeling. Ik stop mijn hand in mijn zak om mijn telefoon te pakken en daar houdt mijn plan eigenlijk wel op, want ik heb geen idee wie ik ga bellen…. Het werkt. ‘Monsieur, sil vous plait, c’est bon, c’est bon.’ De bamboo slagboom gaat omhoog en we kunnen doorrijden. Ik geef Mickaka een knipoog en hij kan niet verbergen dat ie moet lachen. Ik denk dat het van opluchting is.

RASCAL_NUMBER_3

Onze relaties met de lokale bevolking zijn van groot belang. Relaties zijn ‘overall’ erg belangrijk hier. We hadden bovenstaande situatie ongeduldig en met autoritair toneel kunnen benaderen en waarschijnlijk snel kunnen oplossen. Maar tijd nemen is zoveel effectiever. Het lijkt alsof blanke mensen zich hier niet altijd geliefd maken. Ik denk dat ik ook een ander idee heb van ontwikkelingshulp dan sommige corporaties claimen te brengen. Ik zeg niet dat alle grote corporaties slecht zijn, maar een land wat zo rijk is aan grondstoffen en zo arm is vergeleken met ons land is in mijn opzicht onrechtvaardig. Gelukkig kan ik door relaties, aandacht en persoonlijk contact proberen te laten zien dat we hier zijn met een groter doel.

2 thoughts on “Zaterdag doe ik niets wat ook wel later mag.

  1. Goed verhaal! In het kader van jouw gedachtes over ontwikkelingssamenwerking; geef die kerel van de strandtent het advies om stenen de zee in te rollen voor de plek waar de golven zijn strandtent ondergraven om die golven (en hun kracht) te breken.

  2. Gewéldig! Die bamboestok!!! Mickaka zijn dag is vast dik betaald geweest met jouw knipoog! :-)
    Kon je die hele tent niet oppakken en een eindje verder het land inzetten? Heerlijk zo’n “niets doen” zaterdag.
    Fijn om je verhaal te lezen, is het net of ik even dicht bij jullie ben in dat mooie, warme land. Liefs Mam.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*